Uit een vandaag gepubliceerd pan-Europees onderzoek van Yazen onder 1.352 obesitaspatiënten (van wie 309 Nederlanders) blijkt dat 27 procent nooit open is over het gebruik van GLP-1- of GLP-1/GIP-medicatie. Nog eens 49 procent deelt dit slechts soms. Daarmee houdt 76 procent het gebruik geheel of gedeeltelijk geheim. Dat staat in contrast met de snelle toename van het gebruik. Volgens recente cijfers van de Stichting Farmaceutische Kengetallen gebruiken inmiddels meer dan 80.000 Nederlanders afslankmedicatie als Wegovy en Mounjaro, bijna een verdubbeling ten opzichte van een jaar eerder.
Angst voor negatieve reacties
De belangrijkste reden voor de terughoudendheid over het gebruik van medicijnen is angst voor negatieve reacties. Bijna de helft van de ondervraagden vreest kritiek door de media-aandacht en de maatschappelijke discussie rond deze middelen. Ook zijn er zorgen dat het gebruik wordt gezien als ‘shortcut’ in plaats van als medische behandeling.
Ook Lianne Glas (38) uit Roderesch herkent die spanning. Zij startte in september met GLP-1-medicatie en viel inmiddels 15 kilo af. In het begin vond ze het moeilijk om over haar keuze te praten. “Het voelde alsof ik faalde, alsof ik koos voor de makkelijke weg. Alsof mensen zouden denken dat je het niet zelf doet, maar het ‘gewoon inspuit’. Maar zo werkt het helemaal niet. Die schaamte zit vooral in je eigen hoofd.”
Breder debat
De schaamte die patiënten ervaren, kreeg recent extra aandacht toen columnist Angela de Jong openlijk sprak over haar eigen gebruik en de reacties daarop.Volgens Nicole Diebels, country manager van Yazen Nederland, onderstrepen de resultaten hoe hardnekkig het stigma is. “Obesitas is een chronische aandoening waarvoor medische behandeling nodig kan zijn. Toch rust er op medicatie nog altijd een moreel oordeel. Daardoor voelen patiënten zich genoodzaakt hun behandeling te verbergen.” Zij pleit voor meer begrip en openheid in het publieke debat: “Achter elk recept zit een persoonlijk verhaal. Mensen die werken aan hun gezondheid verdienen steun, geen oordeel. Door het stigma te doorbreken, willen we mensen de ruimte geven om open te zijn over hun gezondheid en dat is een belangrijke stap richting betere zorg en meer welzijn.”
